2.8.5. Kimmijser

In het gezin van Frits en Suze Kimmijser worden drie kinderen geboren:
— Engeltje, Magelang 31 december 1912.
— Mathilde Leontine Elisabeth, Baoe Baoe 15 september 1915.
— Frederik Hendrik, Baoe Baoe 24 augustus 1917.

Nk.31. Engeltje (1912-19..)

Enny had op de laatste bootreis naar Holland aan boord verlovingsplannen gemaakt met Con, zoon van dominee  Broers en een Van der Bend, die tijdens zijn studie biologie een Utrechtse studentenverzetsgroep opzet en zich bij de Ordedienst aansluit. Hij verzamelt inlichting over het vliegkamp Soesterberg, het concentratiekamp Amersfoort, versterkingen die werden aangelegd in de omgeving van Utrecht, troepenverplaatsingen, etc. Hij rapporteert aan Van Hattum, die hem verraad. Op 21 juli 1942 wordt Broers gearresteerd en volgt – dankzij een herroeping van het verraad – een milde veroordeling uitgesproken in het Tweede OD-proces. Broers  wordt afgevoerd naar Natzweiler en Dachau.

Nk.32. Mathilde Leontine Elisabeth (1915-19..)

Tilly reist na haar huwelijk met Herman Buijs in 1939 naar Indië. Hij doet daar dienst als Eerste Luitenant van de landmacht en wordt door de Japanners als krijgsgevangene in Bandung  geïnterneerd. Tilly komt in 1943 met hun kinderen van drie en één jaar oud in het kamp Tjideng op Java terecht. (2)

Nk.33. Frederik Hendrik (1917-2000)

Frits is reserve tweede luitenant van de bereden artillerie tijdens de capitulatie en demobilisatie. Net als zijn neef tekent hij de erewoordverklaring. Ondanks diens afvoer meldt hij zich op 9 december 1943 bij de kazerne in Den Haag, wordt gevangen genomen en direct afgevoerd naar Stanislau, Offlag XXI-c/z Grüne bei Lissa. Na enige interne overplaatsingen wordt Frits pas op 28 april 1945 door de Russen bevrijd. (3)

Frits vertrekt op 17 augustus 1948 naar Indië. Hij is Audi­teur-Mili­tair bij de Krijgs­raad te vel­de te B­and­oeng en daarna Hoofd-Auditeur bij de Krijgsraad te velde te Jakar­ta. Hij keert 25 augustus 1950 terug met Europees Ver­lof. Terugkeer tot rang vaandrig en benoe­ming tot reserve eerste lui­tenant;

Frits gaat na de oorlog naar Indië. Hij is substituut auditeur-militair van de Temporaire Krijgsraad te Makassar voor oorlogsmisdaden. Hij doet in september 1946 getuigenverhoren van romusha’s, Javanen die hun dwangarbeid voor de Japanse bezetter in de kolenmijnen en spoorlijnen hadden overleefd. (4)

Terug   ***   Verder