De derde zoon Frederik Hendrik (Frits) von Meijenfeldt in de tak De Haas is in 1889 geboren. Hij woont aan de Tesselschadestraat 1B in Amsterdam.
Zijn werk ligt in dezelfde branche als zijn broer Carl terecht. In plaats van Kempen & Co gaat hij vanaf de oprichting in 1917 werken bij Pierson & Co, gevestigd aan een nieuw gebouw aan de Herengracht 206, nu een Rijksmonument. J.L. Pierson en zijn zoon Allard zwaaien daar de scepter. Deze bank handelt in bonds en aandelen in spoorwegmaatschappijen in de Verenigde Staten. Frits is arbitrageant, dat wil zeggen dat hij zich bezighoudt met transacties met het doel voordeel te trekken uit een prijsverschil op hetzelfde ogenblik tussen verschillende markten voor goederen, valuta’s, effecten en wissels. Pierson & Co legt zich toe op valutaverschillen tussen Amsterdam, New York en Londen. Hij komt net als zijn broer Carl regelmatig in de Beurs van Berlage.
Frits trouwt op 30-jarige leeftijd op 25 mei 1920 op het stadhuis van Amsterdam. Zijn ouders zijn negen respectievelijk vijf jaar eerder gestorven. Oudste broer Carl is getuige, broer Willem zal aanwezig zijn en broer Jan is een week eerder met een stoomschip naar Indië vertrokken.
|
|
|
De bruid is de 23-jarige Amsterdamse Alida Maria Elisabeth Scholte. Lida is dochter van Gerardus Scholte (1872-) en Maria Elisabeth Schumann (1874-1914). Het verhaal circuleert dat die moeder depressiviteit in de familie Von Meijenfeldt bracht vanwege haar achternaam. De beroemde pianist-componist Schumann werd inderdaad depressief, maar een familieband is niet aangetoond en het is niet duidelijk welke kinderen of kleinkinderen van Lida Scholte aan de ziekte te lijden zouden hebben gehad.
Lida komt op de Tesselschadestraat 1B wonen. In de jaren daarop worden vier zonen geboren:
1. Carl Frederik, 4 mei 1921.
2. Frederik Hendrik (Frits), 14 juli 1922.
3. Gerardus (Gerard), 2 mei 1925.
4. Hermann Alexander (Herry), 19 februari 1927.
In 1929 verhuist het gezin binnen Amsterdam naar een ruim huis aan Bachplein 6.
Tijdens de bezetting richt Frits zijn huis aan het Bachplein 6 in als een soort opvang- en uitvalsbasis. Hij kan veel Joden door de oorlog heen helpen in de kelders onder zijn huis en aangrenzende huizen. Misschien om een gewoon burger te lijken doet hij op 20 januari 1942 bij de politie aangifte van diefstal van banden en lantaarns van zijn fiets ter waarde van 15 gulden.
|
|
|
Na de bevrijding verhuizen Frits en Lida in 1953 naar de Herman Heijermansweg 5. In 1956 vertrekken zij naar Hilversum om aan de Tromplaan 4 en een jaar later aan de ’s-Gravenlandseweg 132 te gaan wonen. In 1959 gaan zij naar de Sweelincklaan 94 in Bilthoven. Op 11 maart 1961 overlijdt Frits bij zijn broer Jan in Amsterdam. Lida sterft op 15 oktober 1970.




