In het jaar 1834 gaat 18-jarige zoon Carl bij het stadhuis in Rotterdam langs om zich op 28 januari in te schrijven voor de Nationale Militie. Zijn opgemeten lengte bedraagt een el, zeven palmen en vijf duimen. Dat is omgerekend 182,5 centimeter, voor die tijd behoorlijk lang en tien centimeter meer dan broer Jan. Zijn ovale gezicht, blauwe ogen en bruin haar zijn daarentegen minder onderscheidend. In februari is hij een dag ziek, maar ontvangt wel half loon. Op 18 maart legt hij openbaar geloofsbelijdenis af bij dominee Fortmeijer. Op ’s Rijks Werf is hij op 1 juli klaar als leerling voor 70 cent per dag en begint als scheepstimmerman der vierde klasse in groep C onder K. de Vries voor 90 cent per dag. (1)
Zonen Hendrik en Friedrich bevinden zich aan boord van een oorlogsschip. De laatste is in Hellevoetsluis ook als stuurmansleerling op Z.M. Wachtschip Amstel begonnen. Regelmatig krijgt hij acht dagen verlof om naar huis te gaan. (2)
De achterstand van Johan August met de aflossing en rente op de lopende hypotheek bij Wessel Koops loopt dat jaar zodanig op, dat hij geen uitstel meer krijgt. Daarom leent hij op 1 augustus 1834 een extra bedrag van f 160 bij de Erven Loven, ook tegen 5% rente per jaar. Zo vult hij het ene gat met het andere.
Dit is de laatste bekende daad van de stamvader. Johan August von Meijenfeldt overlijdt op 2 juni 1835 aan het einde van de middag om 17:00 uur in zijn eigen huis. Twee dagen later doet zoon Carl samen met buurman Willem Blok daarvan aangifte op het gemeentehuis. Hij geeft op wie zij zijn, meldt wanneer en waar het sterfgeval zich heeft voorgedaan en geeft van zijn vader de naam, leeftijd, echtgenote, beroep, geboorteplaats, domicilie en ouders. (3)

Op 5 juni 1835 vindt de uitvaart plaats in de Lutherse kerk. In de binnenstad mag niet meer in of bij de kerk begraven worden. Daarom wordt het stoffelijk overschot dezelfde dag naar de nieuwe begraafplaats Crooswijk gebracht. Daar vindt Johan August zijn rustplaats in een huurgraf op rij 10. (4)

Algemene Begraafplaats Crooswijk, ingang 1832
Zo eindigt het leven van de stamvader van de Nederlandse familie Von Meijenfeldt na 17 jaar in Amsterdam en 25 jaar in Rotterdam.
De dood van de Nederlandse stamvader betekent niet het einde van de Familiekroniek Von Meijenfeldt. Hij laat immers vier zonen achter met een betaalde baan.
Stamboom van de familie Von Meijenfeldt, generatie I en II (van wie 3 getrouwd)
1. Militaire Zaken 1834, Stadsarchief Rotterdam 356, Inv 94, nr 508.
2. p.m.
3. Overlijden, SR 999-09, fol B 061, akte 1233.
4. Begrafenis, SR 676-3, fol 22, no 693.
