3.5. Het geslacht uit Bremen

In de de stad Bremen en omgeving leven adellijke naamgenoten van een geslacht dat in 1636 Meijer heet, vanaf 1704 Von Meijer(s)feldt en halverwege die eeuw uitsterft. In deze familie is Wilhelm de belangrijkste voornaam en Von der Lieth de belangrijkste aangetrouwde familie.

De geschiedenis van de stad Bremen begint bij Hollandse kolonisten die de uitgestrekte moerasgebieden rond de rivier de Wezer bij de monding naar de Noordzee in de 12de eeuw in cultuur brengen. De stad groeit uit tot Hanzestad en is lange tijd neutraal, tot een vierjarige oorlog 1442-1446 tegen vier Nederlandse provincies, die eindigt met de Vrede van Hardewijk. Vanaf de Vrede van Westfalen in 1648 is de geschiedenis van Bremen en het aangrenzende Verden verweven met Zweden. De  twee steden zijn in één hertogdom verbonden door een personele unie met het Zweedse vorstenhuis. Tegen de zin van Zweden blijft de Hanzestad Bremen zelf een vrije Rijksstad, waardoor ze in plaats daarvan Stade (vlak bij Hamburg) tot hoofdstad kiezen. In 1654 en 1666 voeren de Zweden twee korte oorlogen om Bremen in te nemen, met slechts een kleine gebiedsuitruil tot gevolg.

In de eerste paragraaf van dit hoofdstuk wordt het verhaal van de geadelde Meijer en zijn nageslacht beschreven. In de tweede paragraaf staan de bijlagen.