De stamvader nodigt Juliana von Meijenfeldt twee keer uit om getuige te zijn bij de doop van zijn kind. De eerste keer is bij de doop van Johan August (Jan) in de Oude Lutherse Kerk van Amsterdam op 5 oktober 1808. Daar staan als getuigen Carolus & Juliana van Meijenveld genoteerd. De tweede keer vermeldt het doopboek van de Lutherse Wolfshoekkerk van Rotterdam op 17 april 1815 bij Carl de getuigen Juliana von Meyenfeldt geh. Thielo en Friedrich Thielo. In andere Nederlandse bronnen zijn Juliana en Carolus niet terug te vinden, net zo min als Friedrich Thielo.
Eén van de sterkste verbindingen met Pommeren is dat de Zweedse graaf in zijn testament van 1795 een legaat schenkt aan een Juliana gehuwd met een Tilow. In de genealogie van het geslacht Thilo is haar huwelijk te vinden.
D.G. Reymann, “Karte von Schwedisch Pommern”, Potsdam 1806, 40 bij 25 km
Met deze kennis gewapend is haar levensverhaal te volgen, vooral dankzij de lutherse kerkboeken, in de gearceerde kerken en woonhuizen van Medrow en Loitz, van Wolfsdorf, Schabow en Lübchin, van Sülze en van Marlow. Een tussenconclusie is te vinden in de afronding.
1. Briefwisseling met Riksarkivet Stockholm 1934 [CG-014].
2. Briefwisseling met Stadarchiv Stralsund 1984 [CH-59, CH-63].
3. Evangelische Kirche Behren-Lübchin, Taufen, Heiraten u Tote 1766-1884, Doop fol. 127.
4. Evangelische Kirche Hohen Sprenz, Taufen 1788-1860, Fol. 281, 1) Auguste Thilo aus Marlow, 2) Friderice Prilwitz geb. Thilo.
5. Evangelische Kirche Marlow, Taufen, Heiraten, Tote u Konfirm 1802-1871,fol 449.
