3.3.3. Inspecteur

Het eerste kerkboek om naar Juliana te zoeken is dat van Medrow, want daar woonde zij volgens het testament van de Zweedse graaf. De evangelisch-lutherse kerkboeken staan samen met die van Nehringen bij de pfarrambt Glewitz. (1)

Haar eerste vermelding is te vinden bij 3 mei 1783:

Pastor Battus noteert een huwelijk te hebben gesloten tussen Jungfr Augusta Juliana Meijern en H. Inspector Augustus Christoffer Thilow. Dat zijn dezelfde namen als in het testament. Alles lijkt op zijn plaats te vallen, met uitzondering van enkele vragen:
— Hoe kan Jungfr voor haar naam staan – een titel die duidt op enig aanzien en vooral op een ongetrouwde of maagdelijke staat – als zij volgens het testament eerder getrouwd en moeder was?
— Hoe is de eerste voornaam Augustus van haar man te rijmen met ‘Theodosius Bernardus’ in de genealogie?

Volgens het kerkboek was de bruidegom wel eerder getrouwd. Bij 26 juni 1772 staat zijn huwelijk met rentmeesteres of huishoudster Jungfr Chris­tina Regina Berg. Zij overlijdt in 1781 op 40-jarige leeftijd. Dat roept een volgende vraag op:
— Hoe kan Thilow 
trouwen met een 32-jarige vrouw, terwijl hij volgens de genealogie minder dan 12 jaar oud is?

Deze Thilow heeft dus andere voornamen en ouder is. In de Zweedse archieven blijkt hij voor te komen. Als inspecteur op het landgoed Medrow had hij bijvoorbeeld in de jaren zeventig nog geld tegoed van zijn heer graaf Carl Friedrich von Meijerfeldt jr. Diens curatoren PommerEsche en Hagemann betaalden het hem verlaat uit. Andere crediteuren, met name diens zwager Horn, waren ontevreden en spanden een rechtszaak aan, die op 9 april 1780 eindigde in een vonnis van het Koninklijk Tribunaal van Wismar. (2)

Uit het genoemde huwelijk van Augusta Juliana met Thilow wordt een dochter Charlotte Friderica Carolina Augusta geboren. Pastor Battus noteert haar doop in het kerkboek op 28 november 1785:

Er staan drie peetouders, waaronder die Oberförsterin aus den Preussischen Meijern. Dat is een interessante en vooralsnog onduidelijke persoon. Bij 14 maart 1788 noteert pastor Battus de doop van hun tweede kind, een zoon August Friderich Julius, zonder buitengewone getuigen.

Twee dagen voor de jaarwisseling naar 1790 bevat het kerkboek een verrassing: de begrafenis van Thilow:

Kerstnacht was hij plotseling overleden op 57-jarige leeftijd aan een Schlagfluβ, een oud Duits woord voor een beroerte of hersenbloeding. Zijn ouderdom zet zijn geboortejaar op 1732. Dat de genealogie zijn voornamen en geboortedatum fout heeft is tot daar aan toe, maar zijn dood roept een serieuze vraag op:
— Hoe kan Thilow overlijden in 1789, terwijl het testament zegt dat hij vijf jaar later pachter in Mecklenburg is?

Het kerkboek heeft op 10 mei 1791 heeft nog één laatste vermelding in petto, die alle vragen beantwoordt. Augusta Juliana trouwde na ruim een jaar opnieuw met een Thilow:

Kortom, eerst huwde zij in 1783 met inspecteur August Christoffer Thilow (1732-1789), weduwnaar van Chris­tina Regina Berg, daarna huwde zij in 1791 met de 30-jarige inspecteur Theodosius Bernhard Christoffer Thilow. Kan het nog verwarrender? Zowel het testament als de de genealogie doelen op deze tweede Thilow. Zijn vader pastor August Thilo was broer van pastor Johann Thomas in Stolpe op Usedom met een daar op 22 december 1757 geboren dochter Sophie Elisabeth Thilo. Zij trouwde 27 januari 1779 met Meier, de latere opperhoutvester in Rothemühl, Pruisisch-Pommeren. Dit is de geheimzinnige peetmoeder Meijer van 1785. Zou zij ook de koppelaarster zijn en zou tussen houtvester Meier en Augusta Juliana Meijer verwantschap bestaan? (3)

Terug   ***   Verder

1. Der Kirchen zu Glewitz und Mederow Tauf=, Trau= und Taube=Register 1729-1791.
2. Credit-Wesen des Obristen und Ritters, Grafen Carl Friedrich von Meijerfeldt betreffend, Stadtarchiv Wismar, Wismarer Tribunal, Relationen 02, 1780 II nr. 20, fol. 323-382.
3. Handbuch über den Königlich Preussischen Hof und Staat für das Jahr 1800, Berlin 1800, pag. 100.