Augusta Juliana woont in 1780 op Medrow. Haar vader is vooral druk aan het Hof in Stockholm, diens broer Carl Friedrich jr had zich de jaren daarvoor zo nu en dan op het landgoed laten zien en schulden gemaakt bij inspecteur Thilo. Na diens vertrek naar Zweden betalen de curatoren PommerEsche en Hagemann terug. Andere schuldeisers als zwager Horn gaan niet akkoord en spannen een rechtszaak aan, die op 9 april 1780 eindigt in een vonnis van het Koninklijk Tribunaal van Wismar. (1)
Op 20-jarige leeftijd trouwt Augusta Juliana op 3 mei 1783 in de kerk van Medrow met deze 30 jaar oudere inspecteur Augustus Christoffer Thilo. Na de bruiloft verhuist zij naar het inspecteurshuis tien kilometer zuidwaarts in het grensstadje Loitz. Zij neemt daar de vacante plaats van de twee jaar eerder overleden Christina Regina Berg in. (2)
Eind 1785 schuift Johan August in zijn compagnie door naar de positie van konstabel, omdat zijn 68-jarige leermeester Martin Hardt met pensioen gaat. In 1788 bereikt hij op 27-jarige leeftijd de hoogste trede voor een onderofficier bij de artillerie: opperwachtmeester, in het Zweeds styckjonkare, in het Duits Stückjunker, de chef van de konstabels in de staf van zijn compagnie. Het is tevens de beginrang voor edelen, vergelijkbaar met de vaandrig (Fahnjunker) bij de infanterie en de kornet bij de cavalerie. Bij de marine is de adellijke context niet aanwezig.
In Stralsund maakt Johan August kennis met Catharina Maria Vick, een zes jaar jongere vrouw. Zij raakt van hem zwanger. Ongehuwd bevalt zij op 19 maart 1788 van een zoon. Drie dagen later krijgt deze de doop toegediend in de evangelisch-lutherse St Marienkerk en ontvangt de doopnamen Carl Wilhelm. De doopgetuige die het eerst staat genoemd is blikslager of loodgieter Friedrich Wilhelm Wachsmuth, bij wie Johan August in de Knieper voorstad is ingekwartierd. (3)
Intussen is zijn zus Augusta Juliana van twee kinderen bevallen, die in de kerk van Medrow de doop ontvangen: een dochter Charlotte Friderica Carolina Augusta op 28 november 1785 en een zoon August Friderich Julius op 14 maart 1788. Op 29 december 1789 gaat zij opnieuw naar die kerk, ditmaal voor de begrafenis van haar man, die aan een beroerte of hersenbloeding is overleden. Tijdig had hij op 9 november een testament opgesteld, waarin zij wordt aangewezen als universeel erfgenaam en vruchtgebruiker over het deel van hun twee kinderen, voor wie hij de lokale pachters Hagenow en Steinmann als voogd aanwees. Nadat het testament op 10 februari 1790 werkingskracht krijgt, sluit Augusta Juliana op 29 maart een akkoord met de voogden om het inspecteurshuis in Loitz openbaar te verkopen en de inventaris in natura te verdelen. (4)
Op 10 mei 1791 trouwt Augusta Juliana voor de tweede keer, opnieuw met een inspecteur Thilo, dit keer een leeftijdgenoot. Het gaat om Theodosius Bernhard Christoffer Thilo, geboren op 19 augustus 1760 in Groβ Teetzleben, net over de grens in het district Demmin in Pruisisch-Pommeren. Zijn voorvaderen in rechte lijn zijn pastors met de voornaam August: overgrootvader (1653-1713) in Liepen, grootvader (1688-1748) beroepen als opvolger toen hij deel uitmaakte van het gevolg van koning Karel XII in Turkije – waar baron Johann August von Meijerfeldt sr tweemaal kort was – en vader (1728-1804) in Groβ Teetzleben. Theodosius was vier jaar oud toen zijn moeder stierf bij de geboorte van zijn zusje. Zijn vader hertrouwde datzelfde jaar. Toen hij 13 jaar oud was werd zijn vader pastor in het naburige Klatzow. Daarna begon hij een opleiding tot landbouwkundige (Landwirt). (5)
Johan August meldt zich op 13 december 1791 in het kerkje van Wolfsdorf bij Franzburg, halverwege de weg van Nehringen naar Stralsund, waar haar tweede man Thilo pachter van het Koninklijk Domein is. Zijn zus heeft hem gevraagd plaatsvervanger te willen zijn voor enkele doopgetuigen bij haar net geboren kinderen. Die getuigen zijn schoonvader August Thilo, zwager Ernst Thilo en schoonzus Wilgohs. Vrouwe Bamberg van het zuidelijk aangrenzende landgoed Hohen Barnekow is wel werkelijk getuige. Op 6 december om 18:00 uur was Augusta Juliana van een zoon Ernst August Wilhelm bevallen en 60 uur later van nog een tweede Johan Carl Ulrich op vrijdag 9 december om 6:00 uur. Het huwelijk is nog maar zeven maanden oud, dus haar kinderen zijn vroeg geboren of eerder verwekt. Op 5 december 1792 ziet een zoon Friedrich Christopher Ludwig zijn eerste levenslicht, waarmee het gezin Thilo in Wolfsdorf totaal uit vijf kinderen bestaat. (6)
Het vermogen van Augusta Juliana is inmiddels beschikbaar gekomen. Na haar tweede bruiloft wikkelde zij de verdeling op 24 en 25 mei 1791 definitief af, maar de verkoop van het huis in Loitz lukte niet. Op 23 december 1791 ging zij akkoord met verkoop van het huis aan koopmansweduwe Jael Voss en de storting van de opbrengt van 600 rijksdaalder in de onverdeelde boedel.
1. Credit-Wesen des Obristen und Ritters, Grafen Carl Friedrich von Meijerfeldt betreffend, Stadtarchiv Wismar, Wismarer Tribunal, Relationen 02, 1780 II nr. 20, fol. 323-382.
2. Der Kirchen zu Glewitz und Mederow Tauf=, Trau= und Sterbe=Register vom Jahre 1729 bis zum Schlusse des Jahres 1791, Trau=Register Bild 164.
3. Landeskirchliches Archiv der Evangelisch-Lutherischen Kirche in Norddeutschland, Kirchenkreisarchiv Pommern, Stralsund St Marien, Taufen 1781-1815, Bild 52.
4. Idem als 1, Tauf=Register Bild 93 en Bild 97, Sterbe=Register Bild 198.
5. Idem als 1, Trau=Register Bild 166.
6. Ev.-Luth. Landeskirchliches Archiv Greifswald, KG Franzburg-Land, Kirchenbuch oder Verzeichnis aller der Wolfsdorffer 1763-1815, fol 51-52 en fol 55.
