3.4.4. Detmold

Bij de eerste vermelding van de stamvader op de rol van de Admiraliteit van Amsterdam, stond Maria Cat(ha)rina Meijerveldt daar in de kerkboeken. Zij was daar op 25 juni 1794 doopgetuige.

De dopeling werd naar haar vernoemd. De andere doopgetuige was haar echtgenoot. Zij waren de grootouders van het kind van hun zoon, die op 6 november 1792 in Amsterdam was getrouwd.

Maria Catharina was lang voor dit moment op 14 april 1758 in Amsterdam zelf in ondertrouw gegaan. Zij had toen op de Herengracht gewoond, de akte met een kruisje ondertekend en opgegeven dat zij in 1732 in de Duitse stad Detmold was geboren en haar ouders inmiddels dood waren. Bruidegom Jan Heijmens was iets jonger, woonde in de Suikerbakkersteeg – haaks op de Nieuw Nieuwstraat – en kwam uit Oldebroek bij Elburg op de Veluwe.

Haar getuige Femmetje Kraan was 48 jaar daarvoor in Deventer geboren en had in Amsterdam op de Langestraat bij de Brouwersgracht gewoond met haar 40-jarige man kleermaker Fredrik Willem Bos uit Borculo. Zij hadden drie kinderen. Zeven jaar na dato was zij overleden. Haar familierelatie als nicht is niet achterhaald.

De driewekelijkse huwelijksgeboden hadden in de Westerkerk plaatsgevonden op 16, 23 en 30 april 1758. De huwelijksvoltrekking op 7 mei 1758 had niet in Amsterdam plaats, maar in Elspeet bij de schoonvader. Zij hadden daarvoor toestemming gekregen na betaling van zes gulden boete voor de armenzorg.

Na de bruiloft was het echtpaar niet teruggereisd naar Amsterdam, maar Jan had zich een dag later 15 kilometer verderop aan de Bruggestraat in Harderwijk als kleermaker en burger gevestigd. Maria Catharina was daar eind mei zonder meer in de kerk bijgeschreven, omdat zij eerder op 2 juni 1754 met attestatie (lidmaatbewijs) uit Nunspeet was aangekomen. Zij was dienstmaagd geworden bij burgemeester de Wolff van Westerrode, een jaar voor diens bruiloft en een jaar na afloop naar Amsterdam vertrokken. Bij haar naam stond het patroniem Harms of Herms.

Reinder Christoffel Willem de Wolff van Westerrode
Burgemeester van Harderwijk
A. Kaldenbach tussen 1750-1774, GK 01509

In het jaar 1760 was Jan in de Nederduits Gereformeerde Kerk van Harderwijk op 1 juni als lidmaat aangenomen en op 25 juli hun eerste kind gedoopt. Zij hadden nog zes kinderen gekregen en sindsdien in Harderwijk gewoond.

Na de genoemde doop in 1794 keerden de grootouders ook weer terug naar Harderwijk. De Fransen kwamen kort daarna en in oktober 1795 stond in het Stads- en Burgerboek hun adres Kerkstraat 31.

De naam, de plaats en de tijd koppelen Maria Catharina Meijerveldt aan de stamvader. Een verdere verklaring is uit bovenstaande gegevens niet te geven. Documentatie over haar geboorte in 1732 in Detmold en haar overlijden na 1794 in Harderwijk zou wellicht uitkomst bieden, maar ontbreekt. 

Terug   ***   Fiche   ***   Verder