1.1. Het Baltische geslacht Meijer

In Lijfland (nu Estland en Letland) leeft een geslacht  met de naam Meijer. De oudste vermelding gaat terug tot het jaar 1480, de laatste eind 1674 vanwege een naamsuitbreiding. De leden van het geslacht behoren tot de Baltische landadel. Daardoor zijn ze een goede huwelijkspartij voor de daar levende vazallengeslachten Fa­rens­bach, Tiesen­hausen, Wran­gel, Bremen, Taube, Wulf en Hastfer. (1) Hier volgt de geschiedenis van het geslacht, om te beginnen bij Johan Meijer.

De Meijers zijn in dienst van de Duitse Orde van Lijfland. De Meester van deze ridderorde heeft een slepend conflict  met de Aartsbisschop van Riga en voert oorlogen uit met oostelijke Russische vorstendommen en het zuidelijke Litouwen. Na de eeuwwisseling dient zich een  nieuwe uitdaging aan: de Reformatie.

 

1. L. Fenske en K. Militzer, “Ritterbrüder im Livländischen Zweig des Deutschen Ordens” (Baltische Historischen Kommission, “Quellen und Studien zur Baltischen Geschichte”, Band 12), Köln/Weimar/Wien 1993. A. Fahne von Roland, “Geschichte der Westphälischen Geschlechter unter besonderer Berücksichtigung ihrer Übersiedlung nach Preußen, Kurland und Liefland”, Köln 1858. A. von Transehe-Roseneck, “Die ritterlichen Livland­fährer des 13. Jahrhunderts”, Würzbach 1960.