1.1.8. Catharina Wulff

De echtgenote van Anders Meijer is Catharina Wulff, (Wolf). Zij is in Riga geboren rond 1630. Haar ouders zijn Martin (Mårten) Wulff (1580-1633) en Ursula Marquard (1595-1659). Wulff is muntmeester voor Lijfland. Dit beroep laat zich het beste vergelijken met de directeur van de nationale bank tegenwoordig. Hij was ook één van de stadsbestuurders die de overgave van Riga onderhandelde toen de Zweedse koning Gustaaf Adolf in 1621 aan de poorten stond. Zijn andere dochters huwen edellieden en zijn broer wordt in de Zweedse adelstand verheven met de naam Wulffenschildt (Wolffensköld). (1)

Catharina Wulff is bij het huwelijk in 1660 weduwe van de vermogende handelsman Herman Rötelsdorff (1600-1658). Hij was weduwnaar van vrouw Brincken, bij wie hij een aantal dochters had. Het huis van Rötelsdorff (Retelstorff, Retolsdorff)) staat in de Gildstubenstrasse, tegenover de op de gevel van de oude stadsmuur gebouwde huizen van Brachfeld en Hennenberg tussen de Stiffts Pfort en de Neue Pfort. In 1647 dient hij een klacht in tegen Hans Rigeman “wegen Streitigkeiten um einige Holzmasten”. In 1654 ontvangt hij een klacht van Heinrich Witte von Schwanenberg “wegen des von diesem geforderten Geldes”, welke door de wederzijdse erven (waaronder Herr Ober Inspector Andreas Meijer) tot in Stockholm wordt uitgevochten. Ook een eigen bank in de St. Petrus Kerk (St. Petri-Kirche, Pētera Draudze) valt aan zijn erven toe. In 1657 wordt hij verkozen tot Ältesten (voorzitter) in het Grote Gilde van Riga. Zowel de eigen kerkbank als het voorzitterschap van de Grote Gilde zijn symbolen van hoge status. Hij overlijdt in 1657 of 1658. (2)

Bij haar huwelijk in 1660 zou Catharina Wulff ook weduwe zijn van Johann Christoff von Kirstein. Hij is geboren in Schweinitz, Silezië, in 1647 in Zweedse dienst getreden als secretaris van het gouvernement te Riga, in 1653 tot rechter benoemd bij het Gerechtshof van Dorpat (Tartu) en op 26 oktober van dat jaar in de Zweedse adelstand genaturaliseerd. (3) Als de stad zich in 1656 aan de Russen overgeeft vertrekt hij naar zijn in 1650 verworven landgoed Schlossholm bij Riga en oefent de advocatenpraktijk uit. Op 26 augustus 1659 is er sprake van een weduwe   Catharina Rötelsdorff, maar daar blijkt diens dochter mee bedoeld te worden. (4)


Bahut 175 x 75 cm van de Zweedse gevolmachtigde minister in Brussel in 1895 Charles von Burenstam, waarop de wapens van Kirstein en Retolsdorf als in een huwelijk naast elkaar staan. (5)

 

1. Zweedse Wikipedia over Wolffensköld. , waarin aandacht voor de voorvaderen van Catharina Wulff. M. Kohlhaas, “Nachkommen von Herman Marquard”, download PDF, pag. 4 en 5.
2. J.C. Brotze, “Sammlung verschiedner Liefländischer Monumente”, Riga 1671, deel 1:2, pag. 163v en pag. 174 en deel 3:2, pag. 237v-238Nationaal Archief Estland, EAA.278.1.XVI-2 resp. 6. Nationaal Archief Zweden, 756/756.1/R/I/R 9, Biografica Retelsdorff-Reusner. .Monumenta Livoniae Antiquae, deel 4:2, Riga, pag. cccxxxi.
3. In tegenstelling tot zijn naamgenoot of familielid Kirstein veertig jaar later (nr. 1181) niet geïntroduceerd. B. Schlegel en C.A. Klingspor, “Den med Sköldebref förlänade men ej å Riddarhuset introducerade Svenska Adels Ättar-Tavlor”, Stockholm 1875, pag. 146.
4. K. Kulbach-Fricke, “Familienbuch Riga“, pag. 3807 (E. Seuberlich, Mat.) en pag. 5157, denkt dat Catharina Wulff wordt bedoeld,. Uit het “KirchenBuch, darinnen diejenigen so verstorben und in dieser & Kirchen zu S Peter begraben worden ordetlich verzeichnet sind dazu der Anfang am Ersten Advent Sontagge gemacht worden Anno MDCLVII”, folio 77. Nationaal Archief Letland, Riga, Petrus Congregatie 1657-1811, pag. 44, en A. Poelchau, “Führer durch die St. Petri-Kirche zu Riga”, Riga 1901, pag. 36 , blijkt dat het om Rötelsdorff’s dochter Catharina gaat, die daarna nog huwt met Carl Radeke en Erich Bentzien (1630-1700), van wie samen aan een wand van de St. Petruskerk een groot grafschrift te zien is.
5. Monatsblatt Adler, Wenen 1891, pag. 186, 199-200 en 229-230. De Nederlandsche Leeuw, 1895, pag. 20-24.