1.3. Militair avontuur

Door de opmerkelijk abdicatie van koningin Christina in 1654 was in Zweden een einde gekomen aan het koninklijk huis Wasa. In dat jaar was een nieuw huis Wittelsbach op de troon gekomen, beginnend met Karel X Gustaaf, in 1660 opgevolgd door zijn zoon Karel XI en in 1697 door zijn kleinzoon Karel XII. Deze drie koningen voeren een expansionistische koers, om de Zweedse grootmacht rondom de Oostzee onder Gustaaf Adolf te handhaven of herstellen. Hetzelfde kan worden  gezegd van Denemarken, Saksen en Rusland.

Veldtochten worden ondernomen, indrukwekkende overwinningen behaald en zware opofferingen van volk en strijders gevergd. Een belangrijke factor dat geen van de partijen het overwicht verkrijgt, is dat de werkelijke Europese grootmachten zich steeds met de oorlogen bemoeien als de vrijhandel in de Oostzee in gevaar dreigt te brengen.

In 1700 zit de 18-jarige Karel XII op de troon. Daar wordt weinig van verwacht. Saksen, Denemarken en Rusland sluiten een monsterverbonden om Zweden van het continent terug te dringen en de handelsblokkades op te heffen. Zonder oorlogsverklaring steekt een groot Saksisch-Pools leger de Duna over. Het leger komt vanuit Koerland (Kurzeme), de meest noordelijke provincie van het onder Pools bewind verkerende Litouwen (Lietuva). Riga wordt ingesloten. De Grootse Noordse Oorlog (1700-1721) is een feit.