1.2.3. Hinrik, ritmeester-landrechter

Hinrik Meijer is de zoon van Wolmar Meijer en Agnes von Tiesenhausen.

Hij trouwt 1562 met Magdalena Wrangel. Over haar moeder zijn de bronnen het eens: Magdalena Taube uit Fier (Tsooru, ten zuiden van Tartu, Estland). Ook zijn de bronnen het eens over de achternaam en het landgoed van de vader: Wrangel uit Ellistfer  (Elistvere bij Tartu, Estland). De voornaam kent twee varianten: landraad Wolmar (1) en Christoph (-1543).  (2)

Een zoon uit dit huwelijk van Hinrik Meijer en Magdalena Wrangel krijgt de naam van zijn grootvader: Wolmar.

Het moedersgeslacht Taube – vóór 1500 niet te onderscheiden ook geschreven als Tuve – is ook een oorspronkelijk Duits geslacht, namelijk uit het Westfaalse Paderborn, en als vazal met de Kruistochten in Lijfland terecht gekomen. In het Duits betekent de familienaam “duif”, in het oud-Zweeds is het een jongensnaam. Het geslacht is zeer omvangrijk. Dankzij verhoging in de Poolse, Zweedse en Finse adelstand zijn er veel gegevens over te vinden. De hier relevante tak Fier – waar eens het slot Fierenhof stond – stamt af van Andreas von Taube uit Dorpat (Tartu), overleden in 1460. Zijn zoon Henrik von Taube wordt in 1516 eigenaar van Fier.

Hendrik Meijer bekleedt geen functie in de Lijflandse Orde. Landmeester Gotthardt Kettler ziet zich ten gevolge van de Reformatie en de invallen van tsaar Iwan IV de Ver­schrikke­lijke genoodzaakt op 5 maart 1562 zijn ambts­kleed af te leggen. Meijer volgt Kettler niet naar Koerland en Semgallen onder Poolse bescherming. In plaats daarvan reist hij naar Estland en treedt in dienst van koning Erik IV van Zweden. Al in 1560 en 1562 is hij ritmeester van de adellijke cavalerie, de ‘Liffländska Adelsfanan’. (2)

Al in 1562 kan Zweden de Polen en Russen uit grote delen van Noord-Lijfland verjagen. Om verdrijving van de Duitse bovenlaag te voorkomen komt het deel boven de Duna onder Pools gezag. Denemarken en Rusland beheersen de zuidelijke delen van Estland en Riga behoudt zijn zelfstandigheid. Vooral dit laatste is voor Iwan onverteerbaar, zodat hij een wapen­stil­stand op basis van deze status quo van de hand wijst. De oorlog duurt nog 20 jaar voort met steeds wisselende coalities tussen landen en koningshuizen. Ge­plaagd door interne ver­zwakking moet Iwan zijn verlies van Lijfland en Ingermanland in 1581 uiteindelijk accepte­ren.

Hendrik Meijer na zijn militaire periode landrechter.

 

 

1. A.A. von Stiernman, Svecia Illustris, Uppsala 1724-1765.
2. W. Baensch, “Geschichte der Familie von Wrangel, vom Jahre 1250 bis auf die Gegenwart, nach Urkunden und Tagebüchern bearbeitet”, Berlin und Dresden 1878, deel I, pag. 130. In tegenstelling tot Stiernman vermeldt Baensch gedetailleerde stamtafels en bronnen. Christoph is zoon van Hans, wiens broer landraad Wolmar was.
2. Gerard von Meijenfeldt (Nk.22) schrijft op 13 augustus 1984: “Mij is altijd óók doorgege­ven dat die Zweedse voorouders van ons uit Estland kwamen, waar ze de naam Meyer hadden. Dit drukte tevens uit de positie van deze Estlander, een horige boer, die er voor zorgen moest dat hij het leengeld van al de horige boeren verzamelde en dit dan naar de leenheer bracht.” [CH-38] Gezien hun functies en het wapenschild kunnen de Meijers moeilijk horige boeren worden genoemd.