Zweeds adelswapen 1675

Op 24 november 1674 krijgt Anders Meijer een adelsbrief, die in 1675 in het Ridderhuis aan de Riddarhusettorget 10 te Stockholm wordt geïntroduceerd. Het wapenschild hangt in de Ridderzaal, de rechtertrap naar beneden, aan de linkerwand.

Bovenaan het schild staat MEIJERFELT en onderaan N.°. Er staat geen volgnummer achter. Dat luidde aanvankelijk 841, maar is later 864 geworden. Misschien is het daardoor open gelaten, maar de goudverf van het getal kan er ook afgebladderd zijn.

IMG_0375Foto: K.-H. Stiernspetz
Fotoafdruk en -scan: FamilieArchief

De beschrijving van het wapenschild in de adelsbrief luidt als volgt:

Transcriptie van het Zweedse handschrift: Vertaling in het Nederland:
En skild fördeelt i twenne fäldt, dett úndersta hwitt med een fästning úthi aff tree Bastioner, wallerne öfwer alt gröna med en lijten watnegraff rúndt omkring. dett öfwersta fältet blått med en úthsträckt hwijt arm hafwan­des en skära úthi handen, ofwan på skölden en öpen tornerhielm med twänne wärior korswijs med guldene fäster. Löffwärcket aff blåhwijt och grön förga, únder hwar andra förmängde och med små gúldstrijmor úthzijrade, aldeles som wapnet står här hoos affmåhlat. Een schild verdeeld in twee velden, het onderste wit met een vesting waaraan drie bastions, de wallen overal groen met een smalle watergang rond daaromheen. Het boven­ste veld blauw met een uitgestrekte witte arm houdende een sikkel in de hand, boven op het schild een open toernooihelm met twee degens ge­kruist met gouden handvest. Het lofwerk van blauw-witte en groene kleur, waaronder verscheidene en met smalle goudlijnen versierselen, zoals het wapen hier staat op de schilde­ring.

De ten opzichte van het oorspronkelijke wapen aangebrachte uitbreidingen laten zich als volgt verklaren. De vesting kan zowel op bet slotheerschap van zijn voorvaders als zijn eigen ingenieursschap duiden, maar staat ook symbool voor de vier zijden van het Christelijke kruis. De gekruiste de­gens als helmteken slaan op militaire activiteiten.

De omschrijving in de wapenbrief laat een aantal detailpunten open, die op deze wapenplaat zijn ingevuld. Zo zijn er niet drie maar vier vestingtorens of bastionnen afgebeeld. Op drie daarvan zijn schietende kanonnen geplaatst. Deze afbeelding is exact overgenomen uit het wapen van zijn beschermheer Wrangel, over wiens landgoederen hij dan inspecteur is. Bij de sikkel valt op dat het lemmet getand is, dus daar maakt een agrarische betekenis plaats voor een militaire.

Het wapenschild wordt afgebeeld in diverse wapenboeken, meestal in iets versimpelde vorm en soms afwijkend. De arm met sikkel wordt bijvoorbeeld vaak omgedraaid. Misschien hebben de auteurs van die wapenboeken alleen naar het latere gravenwapen gekeken, want daarin is de arm gespiegeld.

IMG_0376 Andreas von Meijerfelt
Historisch Archief Estland
f. 3742, n. 1, s. 142