1.e. Erfenissen

Door eigen verdiensten en strategische huwelijken heeft de familie Meijer­feldt net als de rest van de hoge adel in Zweden grootgrondbezit verkregen en binnen een beperkt aantal families geconcentreerd. Versplintering van grootgrondbezit werd ook voorkomen door uitvoerige testamenten.

Over de huwelijksgift en de erfenis van Anders Meijerfeldt in Lijfland is niets bekend, maar het is niet aannemelijk dat er een aanzienlijk vermogen in het spel is.. Als de Zweden Lijfland verliezen aan de Russen, behouden de Duits-Balten hun landgoederen. Dat overkomt de Meijerfeldts niet, omdat zij sinds 1562 al in Zweedse deinst zijn. Zij verliezen hun Baltische rechten, maar krijgen er compensatie voor in Zweden en Duitsland.

Over de huwelijksgift en erfenis van Anders’ oudste zoon Carl Fredrik sr in 1709 is evenmin iets bekend. Aangenomen moet worden dat het eventuele vermogen binnen zijn schoonfamilie Hastfer is gebleven.

Onderzoek in archieven heeft veel documenten aan het licht gebracht over de nalatenschappen van Johan August sr, Johan August jr en Wolmar Johan, waarover hierna meer.