1. Het Zweedse geslacht

Zoekend naar de naam Von Meijenfeldt in Europa valt het oog al snel op het geslacht met de naam Meijerfeldt in het  koninkrijk Zweden. De leden daarvan leven in de periode 1674-1817, slechts 143 jaar. Totaal dragen maar 17 personen de achternaam, waarvan 12 door geboorte. Van de met de naam Meijerfeldt geboren leden blijven er 7 ongehuwd en kinderloos.

Via het slagveld verwerft het geslacht zich een plaats bij de adel en behoort tot de vermogende families. De leden zijn eerst jonkheer, daarna baron en tenslotte graaf. Het geslacht beleeft zijn opkomst en ondergang gelijktijdig met die van het koninkrijk Zweden als grote mogendheid. In de tijd dat de Nederlandse Republiek zich tot de wereldmachten mag rekenen door handel, bestaat de Gouden Eeuw van Zweden uit  militaire verovering van enorme gebieden in Noord-Europa en grote delen van Midden-Europa. In het uitgestrekte moederland zelf wonen maar anderhalf miljoen mensen, merendeels eenvoudige boeren. Via de snel groeiende en opbloeiende hoofdstad Stockholm worden de belangrijke grondstoffen zilver, koper en ijzer aan de Hollandse en Engelse koopvaardij verkocht. In de zeventiende en achttiende eeuw slagen de Zweden er in de strategisch en economisch belangrijke kusten en havens bij de mondingen van vrijwel alle rivieren die in de Oostzee uitkomen bij het koninkrijk in te lijven.

De leden van het Zweedse geslacht Meijerfeldt doen dienst in het zonder overdrijving beste offensieve leger van Europa. De achtereenvolgende koningen zijn strategen van groot formaat – Gustaaf Adolf in de Dertigjarige Oorlog voorop – en de adellijke officieren weten door combinatie van godsdienstig fatalisme en voortdurende exercitie koelbloedige en moedige beroepssoldaten in het strijdperk te brengen. De buurstaten moeten daardoor grondgebied prijsgeven: Denemarken (Skåne en invloed in Holstein-Gottorp), Saksen en Pruisen (de havensteden Bremen, Verden, Wismar, Stralsund en Stettin (Sczcecin) – de laatste twee inclusief West-Pommeren), Polen en Moskovië (het gehele Baltische kustgebied vanaf Riga noordwaarts tot en met Finland). Zelfs grote leiders als de Russische tsaar Peter de Grote en de Pruisische koning Frederik de Grote moeten van Zweden grote verliezen incasseren.

Het geslacht Meijerfeldt is in voor- en tegenspoed trouw aan het koninklijke gezag en geniet talrijke voorrechten aan het Hof. Dat spreekt niet vanzelf voor adellijke families. Het lijkt er op dat grootmachten mede bloeien dankzij interne twisten. Nederland heeft de prinsgezinden versus de staatsgezinden. Ook binnen Zweden strijden sterke vorsten met hun trouwe vazallen tegen invloedrijke edelen in de Rijksdag met wisselende kansen om de macht. Vooral de zogenaamde reductie van koning Karel XI, om de economisch vruchten van het grootgrondbezit evenwichtiger tussen hem en de adel te verdelen, levert bittere tweespalt op.

In het eerste hoofdstuk wordt de oorsprong van het Zweedse geslacht Meijerfeldt behandeld. Dat heeft de vorm van een onderzoeksverslag. Daarna start de familiekroniek. Het is aanvankelijk nog een chronologisch relaas per familielid, maar vanaf 1700 van alle familieleden tegelijkertijd. In de bijlagen bij dit deel zijn per familielid de genealogie, de portretten, de adelstand, de heraldiek, de landgoederen, museumstukken en de erfenissen te vinden.

Namen, data en valuta

De namen van personen en plaatsen worden in de geschiedenis op heel veel manieren gespeld. Bij personen is de lokale en historische spelling zoveel mogelijk gevolgd; alleen bij vorsten is voor de Nederlandse spelling gekozen. Bij plaatsen is ook voor de lokale en historische spelling gekozen, met de huidige spelling cursief tussen haakjes, en de Nederlandse spelling voor grote steden.

De kalender van vandaag is helaas niet altijd zo geweest. Toen de Juliaanse kalender 10 dagen achterliep op de meteorologische kalender werd op voorstel van wetenschappers een sprong gemaakt en een wijziging in de schikkeljaren  aangebracht. Omdat het Paus Gregorius XIII was die de nieuwe (Gregoriaanse) kalender in 1582 invoerde, moesten de protestante landen er niets van hebben; zij hielden nog tot 1700 vast aan de oude kalender. Zweden deed het nog weer anders door in 1700 één dag terug te gaan van de Juliaanse kalender en daarna per schrikkeljaar telkens weer.

Om het begrijpelijk te maken: de beslissende Slag bij Poltava woedde volgens de Juliaanse kalender op 27 juni, volgens de Zweedse op 28 juni en de Gregoriaanse op 8 juli 1709.

Omdat geen enkel land  Zweden volgde werd  in 1712 een aanpassing gemaakt en tenslotte in 1753 helemaal overgestapt. Hier zijn de Zweedse data toegepast.

De meeste Europese landen hebben tegenwoordig de Euro als valuta. Zweden rekent echter nog in kronen, maar er is een tijd geweest dat het Zweedse Koninkrijk niet één valuta had, zeker niet in de externe gebieden. Hier worden steeds de valuta genoemd uit de bronnen, zonder een precieze uitleg of berekening van de koers, ook niet naar huidige maatstaven.