4.1.2. Inlichtingen uit Finland

Carl von Meijenfeldt vertaalt het krantenbericht van  het Algemeen Handelsblad van 24 juni 1862 netjes in het Engels. Toch goed om de krant er zelf nog even op na te slaan. (1) In de rubriek “Duitsche Post”, onder Berlijn, staat het volgende bericht:

Algemeen Handelsblad 24-06-1862, rubriek “Duitsche Post”, onder Berlijn.

Zoekend in andere kranten uit die tijd kan nog worden toegevoegd dat de documenten zullen worden onderzocht door Kanselarijraad Rein en hoogleraar Cygnæus, zoals bijvoorbeeld staat in de Zweedse krant Nya Dagligt Allehande. (2)

De Universiteit van Helsingfors antwoordt niet. Daarom schrijft Carl’s kleinzoon Govert de universi­teit bijna 60 jaar later nog eens aan en krijgt dan de volgen­de verkla­ring. In het voorjaar van 1933 had de universiteitsse­cretaris het origineel van de brief van Carl overhandigd gekregen van een persoon, die deze brief had aangetrof­fen in een exemplaar van Anrep’s adels­boek, dat hij had gekocht van de in 1903 overleden – en blijkbaar verstrooide – professor in de geschiedenis, Yrjö Koskinen. Naar aanleiding van de brief van Govert raadpleegt de universiteitssecretaris het ontzegelde dossier in de Alexander Universi­teit van Turku en komt tot de conclusie dat het uitsluitend gaat om brieven afkomstig van koning Gustaaf III en diens broer de Hertog van Södermanland. (3)

Dit antwoord geeft Govert’s zoon Hugo aanleiding nog een poging te wagen. Opnieuw met een kloof van 60 jaar schrijft hij naar de Universiteitsbibliotheek in Helsinki. Uit het antwoord en uit krantenartikelen is de volgende reconstructie te maken. (4) 

    1. Vanuit Näsby op 10 juli 1806 schrijft gravin Lovisa Auguste Meijerfeldt-Sparre een donatiebrief aan de Koninklijke Academie van Åbo (Turku), na Uppsala en Dorpat (Tartu) de grootste van het Zweedse koninkrijk. Zij schenkt de briefwisseling tussen haar zes jaar eerder overleden echtgenoot en de koning, diens broer en hoge bevelhebbers. Dat doet zij niet alleen om de geschiedenis gunstig over haar man te laten oordelen, maar ook vanwege de goede banden met de kanselier van de academie, Carl Adam Wachtmeister. Zij stipuleert in de brief dat 50 jaar later de ontzegeling van de enveloppe moet plaatsvinden.
    2. Op 13 augustus 1807 besluit de Consistorie van de Academie, dat de enveloppe moet worden bewaard in de kist, waarin ook de verzameling van wijlen hoogleraar Porthen moet gaan komen. Deze is nog in bewerking bij vice-kanselier bisschop Tengström.
    3. Op 24 maart 1817 – een half jaar vóór Louise’s overlijden – overhandigt Tengström de documenten van Porthan en schrijft  in het daarbij behorende memorandum dat er twee pakketten van Meijerfeldt in de kist aanwezig zijn:
      1. Fältmarskalken Grefve Meyerfeldts particuliere Correspondence med Högstsalig Konung Gustaf III och Hertig Carl af Södermanland under krigsåren 1788—1790, förärade af Enkefru Grefvinnan Meyerfeldt, och med hennes Sigill förseglad, för att först i en senare framtid begagnas.
      2. Samma Herres brefvexling met Svenska Generalerne under samma Campagner, likades af Hans Enka-Grefvinna till Åbo Academie förärad och med Hennes Sigill förseglad.
    4. In 1827 wordt de stad Åbo, inclusief de universiteit en de bibliotheek, door brand verwoest.  De kast blijkt gelukkig in een ander gebouw te staan. De Russische keizer wijst Helsingfors als nieuwe hoofdstad aan en laat de universiteits(-bibliotheek) meeverhuizen.  Tengström is er niet gerust op dat de kist onbeschadigd is gebleven en laat deze een jaar later openen. De Meijerfeldtse enveloppe gaat open en er worden documenten uit gehaald. Waarom en welke is onbekend.
    5. In 1860 verschijnt een boek van prof. Rein met de titel “Kriget i Finland åren 1788, 1789 och 1790”. In het voorwoord meldt hij dat de 50 jaar van de Meijerfeldtse enveloppe verstreken zijn en de Consistorie (onder zijn rectoraat) tot ontzegeling is overgegaan. Hij citeert de teksten van de twee omslagen iafwijkend van Tengström’s Memorandum. In het tweede pakket zitten 90 brieven en nog wat andere documenten, waarvan hij er 15 onverkort als bijlage in zijn boek publiceert. Het eerste pakket blijkt niet meer  met het wapen van de gravin maar met dat van Tengström verzegeld te zijn en Rein treft daarin geen koninklijke brieven aan. Hij denkt dat Meijerfeldt’s erfgenamen ze bij Porthan’s papieren heeft gevoegd. Het verhaal van de brand en Tengström’s handelen kent hij blijkbaar niet. Hij legt wel uit dat de kist veiligheidshalve tijdens de Krimoorlog naar het meer in het binnenland gelegen Tavastehus was gebracht en in 1856 in een bankgewelf van de Universiteit van Helsingfors was teruggelegd. Rein neemt  de ontzegelde enveloppe mee naar huis en geeft haar – drie jaar na schrijven van het boek – pas terug aan de bibliotheek.
    6. Inmiddels ontstaat een discussie over de resterende papieren in Porthan’s kist.  De opvolger van Rein, prof. Palmén, stelt dat Tengström de ontzegeling eigenmachtig op het jaar 1900 heeft gesteld, tegen de wil van gravin Sparre. In een hoofdartikel steunt het Helsingfors Dagblad hem. (5) In een comité van vier personen wil één lid (een nazaat van Tengström) aan het jaar vasthouden. Op 12 april 1862 behandelt de Consistorie het advies en stemt voor openbaarmaking, hetgeen op 2 juni  gebeurt. Het Nederlandse krantenbericht heeft hierop betrekking, niet op de eerdere opening.
    7. Op 5 januari 1900 werd de Manuskriptenkist van wijlen prof.  Porthen voor de derde keer geopend, maar daarin zitten dus geen documenten meer van Meijerfeldt.

Tegenwoordig bevindt het dossier zich in de handschriftenverzameling van de universiteitsbibliotheek van Helsinki. (6) Of er door het meermaals schuiven met en openen  van de kist documenten verloren zijn gegaan is niet te zeggen

1. Een origineel berust in het Familiearchief [DF/N.5/91]. De afdruk komt uit de Koninklijke Bibliotheek, Historische Kranten 24-06-1862 of 28-06-1862
2. Nya Dagligt Allehanda, 11 juni 1862
3. Brief van Tor Carpelan aan Govert von Meijenfeldt, Helsinki 11 oktober 1934 [CG-22].
4. Brieven van Anna Alakallaanvaara, Helsinki University Library, Helsinki 15 april 1998 [CH-306]. Helsingfors Dagblad 04-06-1862. Nya Pressen Helsingfors, 05-01-1900.

5. Helsingfors Dagblad 14-01-1862.

6. Helsinki University Library, Manuscripts, Coll. 144.2.