1.8. De oude veldmaarschalk

In de vierde generatie raken Johan August III en Axel Fredrik op zeer jonge leeftijd met het militaire vak vertrouwd in het onder bevel van hun vader staande regiment van Västerbotten. Johan August III wordt in 1777 sergeant, het jaar daarop lid van de Koninklijke Lijfwacht en twee jaar daarna kornet bij het re­giment lichte dragonders. Axel Fredrik begint ook in 1777, dus op 7-jarige leeftijd, en wel als verkenner. Twee jaar later, op 10 augustus 1779, wordt hij vaandrig in het regi­ment van Närke en Värmland, de dag waarop zijn vader het commando over dat regiment krijgt. (1)

In 1778 verkoopt Johan August jr het door hem verwaarloosde landgoed Sövdeborg aan Karl Gustaf Piper en koopt het Pommerse landgoed Medrow terug van zijn broer. Omdat daar geen landhuis staat om de zomers te vertoeven en te onderhouden, moet het hem vooral te doen zijn om de afdrachten van pachter Blasius Hagenow.

Gustaaf III wil zich ook in de buitenlandse politiek manifesteren en laat daarom zijn oog vallen op de buren, vooral op het zich steeds verder naar het westen opdringende Rusland. In Midden-Europa is de eerste deling van Polen een feit en in Zuid-Europa is het Ottomaanse Rijk teruggedrongen. Op Britse en Pruisische aandrang aandrang zendt Gustaaf III een sterke vloot naar de Fins-Russische grens en versterkt zijn landtroepen in het grensgebied, met als doel door te stoten naar de Russische hoofdstad St. Petersburg.

Generaal-majoor Meijerfeldt wordt ook met zijn regimenten naar het front geroepen. De koning geeft hem in juli 1778 bovendien het bevel over het regiment van Östergotha. Een maand later arriveren deze regimenten in de plaats Lovisa (Loviisa). Daar geeft de koning Johan August opdracht het bevel over de troepen in Anjala over te nemen. In oktober verenigen zich daar alle Zweedse regimenten onder zijn bevel, tot hij besluit het winterkwartier in Lovisa op te slaan.

Die winter zet de carrière van Johan August jr zich voort. Op 10 december krijgt hij het bevel over het gehele Zweedse leger in Finland. Een bevordering tot luitenant-generaal volgt vlak voor de jaarwisseling. Ruim een maand later wordt hij ook nog kolonel van het regiment van Närke en Värmland. In 1782 krijgt Johan August de onderscheiding Commandeur in de Zwaard Orde met Grootkruis. Twee jaar daarna meldt hij zich aan als lid van de Patriottische Vereniging.

Rond 1780 laat Carl Fredrik jr een nieuw landhuis op Nehringen bouwen. Het heeft negen traveeën, een zuilenportaal voor de middelste drie middelste, een gestuukte bouw, een mansardedak met verdieping en hoog bovendeel. Het is een familiehuis van een zekere elegantie zonder indrukwekkende representatieve uitstraling. Het is een typisch Zweeds landhuis uit de tweede helft van de achttiende eeuw om de zomer in door te brengen: helder, naar bosbessen geurend en vriendelijk.

De dan 14-jarige graaf Axel Fredrik Meijerfeldt gaat in de winter 1783-1784 regelmatig spelen met de dan 6-jarige kroonprins Gustaaf IV Adolf. (2) Hij wordt in 1785 bevorderd tot luitenant in zijn regiment en volgt het leger naar Finland, waar hij onder andere dienst doet als adjudant van zijn vader en koning Gustaaf III. Johan August III wordt in 1788 tot luitenant in zijn regiment benoemd.

Door de grote voet waarop de familie leeft spelen de financiën aanhoudend een rol. In 1784 gaat Johan August zelfs zo ver zijn vrouw te vragen haar familiejuwelen te mogen verkopen. De neven Carl en Fredrik Sparre zijn hier zo boos over dat zij hem onder voogdij willen plaatsen en een echtscheiding willen aanvragen. Geen van tweeën is er van gekomen.

 

1. C.O. Nordensvan, “Värmlands Regementes (Närke och Värmlands Reg:tes) Historia”, pag. 156-157.
2. M.J. Crusenstolpe, ”Historisk Tafla af högstsalig f.d. Konung Gustaf IV Adolphs första lefnadsår”, Stockholm 1837.