2.1.1. Omvang

In de negentiende eeuw heeft het aantal levende ­leden van de familie Von Meijenfeldt de 30 niet gehaald. In 1928 was de fami­lie verdubbeld tot 60 leden en dit bleef zo tot 1945. Daarna groeide het aantal leden tot bijna 100 in 1963. Vervol­gens duurde het nog tot 1978 voordat de 100 werd overschreden en is de lijn door­getrokken tot 162 levende familieleden nu.

Voor een dichtbevolkt land als Nederland is de familie zondermeer klein te noemen. Over de gehele periode samengenomen droegen of dragen 262 leden de familienaam Von Meijenfeldt. Dat ligt gedeeltelijk aan de gehanteerde definitie. Deze luidt dat alleen personen worden meegeteld die ooit in hun leven de fami­lienaam Von Meijen­feldt hebben gedragen. Zij kunnen de naam hebben verkregen door geboorte,  adoptie, latere aanname van vaders- of moedersnaam of huwelijk. Tot de laatste categorie worden dus ook gerekend vrouwen die zich in verband met een scheiding later niet meer van de familie­naam zijn gaan bedie­nen. In uitzonde­ring op het bovenstaande zijn in deze catego­rie ook de niet-huwelijkse relaties be­grepen, omdat er anders een al te willekeurig onder­scheid tussen moe­ders van geboren Von Meijen­feldts ontstaat.

Alle nu levende telgen van de Nederlandse familie Von Meijenfeldt stammen af van Carl von Meijenfeldt (1815-1899). Hij was één van de acht kinderen van Johan August von Meij­enfeldt (1760-1835). Van zijn eigen tien kinde­ren vindt er bij vier een vertakking plaats: Evert met Jo van Leusden, Carl Frederik met Margré de Haas, Frits met Engeltje de Koe en Hendrik met Anna Augustijn. In de hierna volgende tabellen met betrekking tot de omvang van de familie zal steeds een onderverdeling in vijf catego­rieën worden ge­maakt: de eerste drie generaties en de takken Van Leusden, De Haas, De Koe en Augustijn.

In tabel 1 is de omvang gedif­feren­tieerd naar de mannen die de naam vanaf de geboorte c.q. adoptie dragen, de vrouwen waarvoor hetzelfde geldt en de vrouwen die de naam door een huwelijk of partnerschap overnemen.

 Tabel 1. Verdeling man­nen/vrouwen

Geboorte m Geboorte v Huwelijk v Totaal
I t/m III 14 9 9 32
Van Leusden 2 7 2 11
De Haas 24 20 16 60
De Koe 38 43 34 115
Augustijn 18 13 14 45
Totaal 96 92 75 263

Het aantal leden van de familie is vanaf de eerste gene­ratie door­geteld. Ter vergroting van het inzicht in de omvang van de huidige familie, is in tabel 2 een onderscheid gemaakt tussen het aantal niet en wel in leven zijnde familieleden.

Tabel 2. Verdeling wel/niet in leven

  Niet in leven In leven T­o­t­aal
I t/m III 32 32
Van Leusden 11 11
De Haas 13 47 60
De Koe 37 78 115
Augustijn 8 37 45
Totaal 101 162 263
Percentage 38,5% 61,5% 100%

De eerder vermelde stagnatie in de groei van de familie rond de derde en vierde generatie houdt verband met het gering aantal stamhou­ders (mannelijke familieleden, die één of meer zonen hebben) en de hoge kinder­sterfte. Nadat de tweede gene­ratie één stam­houder voort­bracht en de derde generatie tot de vier takken van de familie leidde, bracht de vierde gene­ra­tie nog maar 6 stam­houders op. Daarna loopt het aantal op.

Tabel 3. Verdeling in generaties

  I II III IV V VI VII VIII Totaal
I t/m III 3 11 18           32
Van Leusden       9 2 11
De Haas       8 8 21 20  3 60
De Koe       17 27 35 27  9 115
Augustijn       6 13 19 7   45
Totaal 3 11 18 40 49 72 40   263

Uit tabel 4 blijken de twee latere stagnaties in de aanwas van de familie, namelijk de perioden 1929-1945 en 1961-1978. Deze houden verband met de hierna te behandelen geboor­tegolven in de familie.

Tabel 4. Aanwas van de familie (geborenen + gehuwden – overledenen)

 

Per generatie, per tak en zelfs per gezin doen zich aanzienlijke leeftijd­verschillen voor. Dit komt voorname­lijk door de grote omvang van sommige gezin­nen. Eén van Carl’s zonen heeft elf kinderen. Omdat de leeftijdverschillen per generatie nauwelijks meer dan 20 jaar bedra­gen, lopen de geboorte­golven in de familie nog wel parallel aan de generaties.

Tabel 5. Geboortegolven en leeftijdsverschillen

Generatie Periode Leeftijdsverschil Geboorten
II 1801-1823 22 8
III 1846-1864 18 14
IV 1882-1908 26 27
V 1913-1957 44 32
VI 1944-2002 58 51
VII 1974-? <43 47
VIII 2004-? <17 12
Totaal   188

In de familie lopen de verschillen tussen de eerste en laatste telg per generatie snel op.

In generatie IV is Alida als eerste geboren in 1882 en Govert als laatste in 1908, een verschil van 26 jaar. Generatie V start met de geboorte van twee meisjes met de naam Engeltje in 1913 en eindigt met Frank in 1957. Het verschil is al opgelopen tot 44 jaar. De eerste telg van generatie VI Ted is al in 1944 geboren, waarmee het verschil met de laatste telg Kees, geboren in 2002, oploopt tot 58 jaar. Jasper opent generatie VII in 1974 en nu – 43 jaar later – is deze nog lang niet afgesloten. Generatie VIII is inmiddels ook al weer begonnen met de geboorte van Seff in 2004.

Een oorzaak van deze verschuivingen is het opeenvol­gende leef­tijdverschil van vader op zoon: Stamvader Carl is 49 jaar oud bij de geboorte van zijn jong­ste zoon Hendrik. Deze is 43 jaar oud als zijn jongste zoon Go­vert wordt geboren. Laatstgenoemde is 48 jaar oud bij de geboorte van zijn jongste zoon Frank. En Frank zelf is 45 jaar oud als Kees geboren wordt.

De familie heeft in de tweede, derde en vierde generatie met aan­zienlijke kin­der­sterfte te maken gehad. Van de 49 in die generaties ge­boren kinderen heb­ben 14 (bijna 30%) hun tiende levensjaar niet ge­haald en zijn 4 (8%) tussen hun twintigste en dertigste le­vens­jaar over­leden. De gemiddelde leeftijd van de overi­ge 62% ligt rond de 70 jaar, waarbij opvalt dat veel manne­n al rond hun zestigste of regelmatig nog eerder overlijden.

In de huidige leeftijdopbouw zijn de geboortegolven terug te vin­den in de groep 60-plussers (31 leden), de groep 30- tot 59-jarigen (55 leden) en de groep tot 30 jaar (53 leden).

Tabel 6. Leeftijdopbouw nu levende familieleden onderverdeeld in vrouwen en mannen